Je bent net begonnen met golf en ineens heb je het over wedges. Pitching wedge, sand wedge, lob wedge. Je staat rond de green, je pakt wat en hoopt dat het goed komt. In deze blog leg ik uit wat wedges zijn, welke soorten je het meest ziet en waarvoor je ze gebruikt, zodat je sneller snapt wat er in je tas zit.
Een snel overzicht
ToggleWat zijn wedges
Wedges zijn golfclubs voor je korte spel. Ze hebben meer loft dan je normale ijzers, dus het clubblad staat wat meer achterover. Daardoor kun je de bal makkelijker hoog laten komen en je kunt ook beter sturen op afstand en controle. Je gebruikt wedges vooral als je niet meer vol met een ijzer naar de green slaat, maar juist een slag nodig hebt die precies moet landen.
Veel golfers zien wedges als een soort gereedschap voor rond de green. Niet eentje, maar vaak een paar, omdat elke wedge net een andere afstand en balvlucht geeft.
Waar gebruik je wedges voor
Je gebruikt wedges voor approach slagen richting de green, dus alles wat geen volle driver of ijzer meer is. Denk aan een slag van pakweg zestig, tachtig of honderd meter waarbij je vooral de bal op de green wilt leggen.
Rond de green gebruik je wedges voor chippen en pitchen. Chippen is laag en rollend, pitchen is wat hoger met iets meer carry. En dan heb je nog de bunker. Daar is een sand wedge meestal je eerste keuze, maar je kunt hem ook prima vanaf gras gebruiken.
Welke soorten wedges zijn er
Pitching wedge
De pitching wedge is meestal de wedge die standaard in je ijzerset zit. Je gebruikt hem voor wat langere korte slagen richting de green. Ook voor chipjes is hij vaak fijn, vooral als je de bal wat meer wilt laten rollen.
De loft verschilt per set, maar vaak zit je ergens rond drieënveertig tot achtenveertig graden. Dat klinkt misschien als details, maar dit bepaalt wel hoe groot het gat is naar je volgende wedge.
Gap wedge, ook wel approach wedge
De gap wedge is er om het afstandsgat op te vullen tussen je pitching wedge en je sand wedge. Daarom heet hij ook gap wedge. Sommige merken noemen hem approach wedge, dat is in de praktijk hetzelfde idee.
Als beginner merk je vooral dit: ineens heb je een club voor die lastige tussenafstand. Niet zo’n halve pitching wedge en ook niet een sand wedge waar je te hard mee moet gaan.
De loft zit vaak ergens rond achtenveertig tot vierenvijftig graden, maar check vooral wat er op jouw club staat.
Sand wedge
De sand wedge is bekend van de bunker, maar je gebruikt hem echt niet alleen daar. Hij is ook handig voor pitches en chips waarbij je de bal wat hoger wilt laten landen en minder wilt laten rollen.
Veel sand wedges zitten rond vierenvijftig tot achtenvijftig graden. Wat hem extra bruikbaar maakt is de zool. Die helpt je club wat meer door zand en door gras te laten glijden in plaats van meteen in te graven.
Lob wedge
De lob wedge is de wedge met de meeste loft. Die pak je als je de bal hoog wilt spelen en snel wilt laten stoppen. Bijvoorbeeld als je weinig green hebt om mee te werken of als je over iets heen moet.
Veel lob wedges zitten rond achtenvijftig tot vierenzestig graden. Het punt is alleen: hoe meer loft, hoe belangrijker goed contact wordt. Als beginner is dit vaak de wedge waarmee je ook het snelst een misser maakt, gewoon omdat je iets te veel probeert.
Hoe kies je de juiste wedges
Begin bij de loft van je pitching wedge
Als je wilt snappen welke wedges je nodig hebt, begin dan bij je pitching wedge. Kijk even op de onderkant hoeveel graden loft hij heeft. Bij moderne sets kan die loft best laag zijn, waardoor je sand wedge ineens heel ver weg zit.
Als je dat gat te groot maakt, ga je vanzelf rommelen met halve slagen. Dat kan, maar het is niet de makkelijkste manier om te leren.
Zorg voor logische afstandsstapjes
Een handige richtlijn is stapjes van ongeveer vier tot zes graden loft tussen je wedges. Dan worden je afstanden ook logisch verdeeld. Bijvoorbeeld pitching wedge, gap wedge, sand wedge, en als je het nodig vindt een lob wedge erbij.
Het hoeft niet perfect te zijn. Het doel is dat je niet steeds een enorme sprong hebt tussen twee clubs.
Bounce van de wedge
Bounce is een Engelse term die je overal terugziet bij wedges. Het gaat om de hoek van de zool. Simpel gezegd: meer bounce helpt vaak tegen ingraven. Minder bounce voelt vaak fijner op harde ondergrond en strakke lies, maar dan moet je wel netjes raken.
Als je vaak dikke slagen hebt of als je baan vaak zacht en nat is, dan is wat meer bounce meestal makkelijker. Speel je veel op harde fairways en heb je een vegende swing, dan kan minder bounce juist prettig zijn.
Grind
Grind is ook Engels. Je kunt het zien als de afwerking van de zool. Sommige grinds maken het makkelijker om het clubblad open te zetten, bijvoorbeeld voor een hogere pitch of een bunkerslag met meer loft.
Als beginner hoef je hier niet meteen helemaal in te duiken. Wel is het goed om te weten dat twee wedges met dezelfde loft heel anders kunnen aanvoelen, puur door de zoolvorm.

Wanneer pak je welke wedge in de baan
Als je de bal laag wilt houden en veel wilt laten rollen, pak dan eerder je pitching wedge of gap wedge. Dat werkt vaak lekker bij chippen op een plek met veel ruimte tussen bal en vlag.
Wil je iets hoger spelen met meer carry, bijvoorbeeld over een randje of door wat hoger gras, dan pak je sneller je sand wedge. Vanuit de bunker is de sand wedge meestal de standaard keuze.
De lob wedge is vooral voor situaties waar je echt hoogte nodig hebt en weinig green hebt om mee te werken. Als je nog beginner bent, is het vaak slimmer om eerst te kijken of een simpelere chip met minder loft ook kan.
Veelgemaakte fouten met wedges
• Altijd de lob wedge pakken omdat je denkt dat hoog altijd beter is
• Alleen loft bekijken en niet snappen waarom de wedge soms ineens ingraaft
• Wedges alleen op de range vol slaan, en nooit oefenen op chippen en korte pitches
• Met dezelfde wedge alles willen doen, terwijl een tweede wedge vaak juist rust geeft in je afstanden
Hoeveel wedges mogen in je golftas zitten?
Je mag maximaal veertien clubs in je tas hebben. Dat betekent dat je keuzes moet maken. Je kunt niet alles dubbel meenemen en toch nog een driver, woods, hybrides, ijzers en putter kwijt.
Tip: Ben je nog aan het twijfelen welke driver je straks in die veertien clubs stopt. Check dan ook even mijn blog met de beste drivers.
Voor de meeste golfers is drie of vier wedges genoeg. Zeker als je nog aan het leren bent, is het fijner om een simpele set te hebben die je echt leert kennen.
Veelgestelde vragen over wedges
Hoeveel wedges heb ik nodig als beginner?
Meestal kom je met twee of drie wedges al een heel eind. Denk aan je pitching wedge en een sand wedge. Als je merkt dat er een lastige tussenafstand tussen zit, dan is een gap wedge vaak handig.
Wat is het verschil tussen een gap wedge en een sand wedge?
Een gap wedge is bedoeld voor de afstand tussen je pitching wedge en je sand wedge. Een sand wedge is ook gemaakt om uit de bunker te kunnen slaan en is vaak net wat makkelijker voor hogere pitches en korte slagen.
Kan ik een sand wedge gebruiken vanaf de fairway?
Ja, dat kan prima. Veel golfers gebruiken hun sand wedge juist vaak vanaf gras voor chippen en pitchen. Het ligt vooral aan hoeveel ruimte je hebt en hoe hoog je de bal wilt laten landen.
Welke wedge is het beste uit een bunker?
In de meeste gevallen is dat je sand wedge. Die is gemaakt om goed door zand te glijden en de bal eruit te krijgen met een zachte landing. Soms kan een lob wedge ook, maar dat is meestal pas handig als je al wat meer gevoel hebt.
Hoe weet ik welke bounce ik nodig heb?
Kijk vooral naar je contact en naar de baan waar je vaak speelt. Als je snel ingraaft of je speelt vaak op zachte, natte banen, dan helpt wat meer bounce meestal. Speel je veel op harde ondergrond en raak je de bal best netjes, dan kan minder bounce fijner voelen.




